De Grimmons in Hilversum

In de familie Grimmon speelt het Gooi, vooral Hilversum, na WO I een steeds grotere rol. Op de website van de archiefdiensten van Hilversum en Naarden, Gooi en Vecht Historisch, is veel informatie over de geschiedenis van het Gooi en de Noordelijke Vechtstreek te vinden – waaronder deze prachtige foto van Henri Grimmon, de jongste broer van Ad en Piet, die pater zou worden bij de Congregatie van de Heilige Geest in Weert.
De foto werd op 5 augustus 1933 gepubliceerd op de voorpagina van De Gooische Post ter gelegenheid van de eerste H. Mis die hij opdroeg, op zijn 26e, in de parochiekerk van St. Vitus in Hilversum. Henri werd slechts 36 jaar oud. De Vituskerk stond vlakbij het huis waar hij grotendeels was opgegroeid; de mis vond er enkele maanden nadat zijn vader was overleden plaats. De kerk, in 1882 ontworpen door Pierre Cuijpers, is een Rijksmonument sinds 1976.

Vijf dagen na de verloving van Ad Grimmon en Toos Brondgeest in Bussum, op 28 april 1916, verlieten Ads ouders Bert en Dorothea Grimmon, met hun jongste, nog thuiswonende kinderen Maria en Henri, het bovenhuis aan de Kerkstraat 311-II in Amsterdam waar ze ruim 13 jaar hadden gewoond. Ze betrokken een vrijstaand huis aan de Ruitersweg 8 in Hilversum dat zij hadden gekocht en zouden daar tot hun dood in resp. 1933 en 1943 blijven wonen. Bert werkte nog tot zijn pensioen in 1922 bij de gemeente Amsterdam; inmiddels niet meer als opzichter van een gasfabriek, maar bij de klachtendienst. Als forens reisde hij wellicht met de Gooische Stoomtram naar zijn werk.


Ruitersweg 8, Hilversum, in 2017

Het huis aan de Ruitersweg 8 staat een beetje wonderlijk verborgen tussen nieuwbouwprojecten; het is een gemeentelijk monument geworden. Voor de kinderen van Bert en Dorothea Grimmon was het indertijd een toevluchtsoord.
Piet Grimmon
kon er in 1920 met zijn vrouw en zoon een maand terecht na terugkomst uit Argentinië, totdat er woonruimte in Zandvoort was gevonden. Maria Grimmon verliet het ouderlijk huis in 1923, keerde terug naar Amsterdam en ging aan de Egelantiersstraat 157 wonen. Ze bleef ongehuwd en woonde waarschijnlijk als dienstbode bij families in; na Amsterdam in Laren en Hilversum, bijvoorbeeld in de villa aan de Van Lenneplaan 17 (inmiddels een gemeentelijk monument). Tot medio jaren ’30 kwam ze tussentijds telkens terug naar haar ouders aan de Ruitersweg. Vanaf 1942, toen Maria 50 jaar oud was, stond ze ingeschreven in een huis met zeven kamers aan de Kruissteeg 42 in Hilversum (nu ook een gemeentelijk monument). Ze woonde er met vier andere ongehuwden, twee mannen en twee vrouwen, tot ze in 1983 overleed; ze werd net als haar ouders begraven op St. Barbara.
Toos Brondgeest kon – nadat de relatie met Ad Grimmon in 1926 was gestrand – na omzwervingen in Den Haag, Naarden, Amsterdam, Batavia, Amersfoort en elders in Hilversum, vanaf 1932 met de kinderen Floor en Rodo een paar jaar bij haar schoonouders aan de Ruitersweg terecht; Floor deed van daaruit in 1934 met succes toelatingsexamen voor de Gemeentelijke HBS.  Toos was in 1935 nog niet vertrokken naar Loosdrecht (later naar Luik, terug naar Amsterdam en uiteindelijk naar Canada) of Bert Grimmon jr. diende zich aan. Hij was planter geweest in Nederlands Oost-Indië, waar hij in 1920 door de Nederlandsche Rubber Maatschappij werd belast met het beheer van de rubberplantage Soengei Mangkei in Noord-Sumatra. In 1932 vestigde hij zich weer in Nederland. Bert Grimmon sr. overleed in 1933 aan de Ruitersweg; Bert jr. zou rond 1935 bij zijn moeder intrekken. Hij bleef ook na haar dood in 1943 in het huis wonen en zou er zelf overlijden in 1952.
Aan de Ruitersweg 8 stonden door de jaren heen ook geregeld anderen, waarschijnlijk dienstboden, als bewoner ingeschreven.

© Archief Grimmon, 8 maart 2017

Print Friendly, PDF & Email