Liberty Metz & Co

Volgens Wilma Schuhmacher,info die Grimmon had gekend en bij wie de koffer met het Archief Grimmon twintig jaar op zolder had gestaan, was Grimmon betrokken bij de verbouwing van de Dépendance Liberty Modern in 1934. Ze doelde daarbij op het gebouw van Metz & Co aan Keizersgracht hoek Leidsestraat; ze was regelmatig in deze winkel voor woninginrichting, mode en kunstnijverheid geweest.info

Metz & Co was in 1740 als groothandel in Franse stoffen gevestigd in Amsterdam door Moses Samuels uit Metz. In 1902 verkreeg Metz de exclusieve verkooprechten van de Arts & Crafts artikelen van de Engelse firma Liberty in Nederland inclusief de overzeese gebieden. Met de uitbreiding van het assortiment was behoefte aan een betere locatie; deze werd gevonden in de parterre van gebouw New York aan de Keizersgracht 455. Dit gebouw was in 1891 ontworpen door Jan van Looyinfo voor de American Life Insurance Company en bij oplevering het hoogste gebouw van Amsterdam; het is een Rijksmonument.info  Directeur Joseph de Leeuwinfo kocht het hele pand in 1918.

Liberty was ook de naam van het bedrijfsgebouw aan de Kerkstraat 45-49 dat in 1926 werd ontworpen door Henri van Anrooy;info het deed dienst als atelier. Het was door De Leeuw vernoemd naar de grondlegger van het Liberty concern, Sir Arthur Lasenby Liberty,info wier geloof in machinale productie van design om het betaalbaar te kunnen houden, door hem werd gedeeld. Deze opvatting stond haaks op die van criticus Reinier de Vries, die in reactie op de eerdere kunstnijverheidstentoonstelling in Rotterdam had betoogd dat industriële productie ten koste van schoonheid zou gaan.info
Ook gebouw Liberty, nu een hotel, is een Rijksmonument.info Het atelier verhuisde in 1933 naar gebouw New York, waar onder het dak ook een atelier was gevestigd, en waar Gerrit Rietveldinfo een koepel met staalconstructie ontwierp.

De Leeuw voegde een meubelafdeling aan de winkel toe en nam in 1918 interieurarchitect Paul Bromberginfo in dienst als hoofd van de afdeling moderne huisinrichting; in 1924 volgde Willem Penaatinfo hem op. Penaat zou in 1926 met Grimmon aan de inrichting van de nieuwe Stadshuisvleugel werken. Bromberg en Penaat waren opgeleid als meubelmaker en voerden hun ontwerpen uit in het atelier van Metz.

Grimmon werkte mee aan de inrichting van de meubeltentoonstellingen van Metz, die vanaf 1938 plaatsvonden in de nieuwe Toonzaal van de meubelafdeling aan de Keizersgracht 449. Gerrit Rietveld kreeg de opdracht voor verbouwing van de pui en de winkelruimte. Na oplevering werd hier de tentoonstelling Het nieuwe meubel gehouden, waarbij meubels te zien waren van architecten die door De Leeuw in dienst waren genomen: Ida Falckenberg-Liefrinck,info Mart Stam,info Gerrit Rietveld, Willem Penaat, Auke Komterinfo en Alexander Bodon;info er was ook een bureaustoel van de Finse architect Alvar Aalto te zien. De meubelen waren vrij duur; er zijn er niet veel van gemaakt. Bij Metz werden ook meubels van onder meer Le Corbusier,info Ludwig Mies van der Roheinfo en Marcel Breuerinfo verkocht, evenals die van Nederlandse architecten zoals Hein Salomonson.info Ook in Grimmons woning aan het Molenpad waren moderne meubels te vinden.
In 1973 werd Metz overgenomen door Liberty, in 1988 door een investeringsmaatschappij. Sinds 1984 is de toonzaal in gebruik als Café Walem. In 2012 verhuisde Metz naar een kleine winkel in de Leidsestraat.

De ontwikkeling van het Nederlandse interieurontwerp van woningen werd aan het begin van de oorlog onderwerp van de tentoonstelling In Holland staat een huis die plaatsvond van juni tot oktober 1941 in het Stedelijk Museum in Amsterdam.
Wil Sandberg,info sinds 1936 conservator en adjunct-directeur van het museum, organiseerde deze tentoonstelling samen met een respectabel comité. “Tijdens de bezetting werden de activiteiten van het Stedelijk Museum onvermijdelijk tot een minimum beperkt, al probeerde Sandberg in dezelfde geest voort te gaan met bijvoorbeeld tentoonstellingen van moderne woninginrichting”, vermeldt W.E. Krul in het Biografisch Woordenboek van Nederland. Sandberg ontwierp ook het affiche en de catalogus voor de tentoonstelling.
De tentoonstelling bood, aan de hand van stijlkamers, een overzicht van de veranderende opvattingen over woninginrichting ‘van 1800 tot heden’. Het Algemeen Handelsblad publiceerde een uitvoerige analyse van de ontwikkelingen,info waarin onder meer gerefereerd werd aan de ‘eenvoudige, goede huisinrichtingen’ van onder meer Ad Grimmon, die het Stedelijk in 1921 had getoond bij De Amsterdamsche Tentoonstelling voor Woninginrichting.

© Archief Grimmon

Print Friendly, PDF & Email