Toos Brondgeest

Toos Brondgeestinfo werd in 1888 geboren in Den Haag. Haar vader Jan Brondgeestinfo kwam uit Utrecht, hij was beroepsmilitair als sergeant-majoor der Grenadiers en Jagers. Haar Duitse moeder Emma Achternbuschinfo was verpleegster. De familie Brondgeest woonde op verschillende plaatsen in Nederland, onder meer in Oudenbosch en Weert, waar Jan Brondgeest korte tijd was gestationeerd. Tenminste vanaf 1914 verbleef hij in een verpleeginrichting in Noordwijk, waar hij zeven jaar later zou overlijden.

Toos had twee oudere broers.
George Brondgeestinfo werd ‘ambtenaar bij het Boschwezen’ in Nederlands Oost-Indië. Hij trouwde viermaal, waarvan de eerste keer met de handschoen, en had kinderen in Magelang, Poerwadi en Buitenzorg.
Carel Brondgeestinfo was aanvankelijk elektrotechnisch ingenieur. Hij vertrok na de Eerste Wereldoorlog naar China, kreeg een dochter uit een relatie met een Chinese en trouwde in 1920 vanuit Peking eveneens met de handschoen, die van de Nederlandse Cornelia Kruijswijk.info In 1929 hertrouwde hij met de Russin Anna Grigorievna Staheeva.info In 1942 vluchtte hij naar Nederlandse Indië, waar hij een militaire loopbaan opbouwde. Vanwege steeds eigenmachtiger optreden in de oorlog en na de Japanse capitulatie werd hij uit het leger ontslagen. Hij overleed in 1965 in Groot-Brittannië.info

Zelf bleef Toos voorlopig in Nederland. Rond de eeuwwisseling ging ze naar de HBS, wat uitzonderlijk was voor meisjes in die tijd. Ze werd dagbladschrijfster. Het oudste teruggevonden artikel dat zij als journaliste schreef dateert uit 1913 en betreft een interview met dr. Mia Boissevaininfo over de tentoonstelling De Vrouw 1813-1913 die plaatsvond in Meerhuizen. Het artikel werd gepubliceerd in de reeks Interviews met merkwaardige personen van onzen tijd.info
Meerhuizen was een vervallen zeventiende eeuws landhuis aan de Amsteldijkinfo waar Charley Toorop,info Peter Almainfo en John Rädeckerinfo voor korte of langere tijd woonden. Hier ontmoetten mensen zoals Wim Schuhmacher,info Carel Willinkinfo en Victor van Vrieslandinfo elkaar.
De Vrouw 1813-1913 was de laatste tentoonstelling die in Meerhuizen plaatsvond; van mei tot oktober 1913. Deze tentoonstelling was georganiseerd op initiatief van de feministes Mia Boissevain en Rosa Manusinfo en ging over de positie van vrouwen in Nederland sinds een eeuw bevrijding van de Fransen. Koningin Wilhelminainfo bezocht de tentoonstelling op 15 mei en kreeg er de catalogus aangeboden. Het ontwerp voor affiche en boekomslag werd gemaakt door Wilhelmina Drupsteen,info winnares van de prijsvraag voor het aanplakbiljet, die uitsluitend openstond voor mededinging door Nederlandse vrouwen. De belangstelling voor de tentoonstelling was groot – met name op Tweede Pinksterdag, toen er een concert werd gegeven door een orkest dat ook uitsluitend uit vrouwen bestond.info Weer een eeuw later, begin 2014, werd de tentoonstelling gememoreerd in de Koninklijke Bibliotheek.

Toos heeft de tentoonstelling in 1913 bezocht, evenals Mozes Vaz Dias,info die er fotografeerde. Vaz Dias was een collega van de fotograaf Ad Regoortinfo met wie Toos op 1 juli 1914 zou trouwen. Misschien had ze hem leren kennen op de krant; ze werkte inmiddels als journaliste voor het Algemeen Handelsblad, tegenwoordig NRC Handelsblad.
Een maand na het huwelijk brak de Eerste Wereldoorlog uit.info De behoefte van tijdschriften aan foto’s nam toe tijdens de oorlog en daarom richtten Regoort, Vaz Dias en Theo Moussaultinfo op 18 januari 1915 de N.V. Vereenigde Fotobureaux op in Amsterdam. Regoort trok zich in 1919 terug uit de onderneming. De relatie met Toos was toen al enkele jaren beëindigd; ze waren op 15 oktober 1915 na een huwelijk van anderhalf jaar gescheiden in Amsterdam.info
De collectie van de Vereenigde Fotobureaux bevindt zich in het Nationaal Archief en bestaat uit  een kleine 3.000 foto’s, merendeels gemaakt in het buitenland. In 1967 is een monument voor Vaz Dias, als pionier voor het perswezen, bij de naar hem genoemde Vaz Diasbrug aan de Weesperstraat geplaatst. Theo Moussault zou na de Tweede Wereldoorlog samen met Rients Dijkstrainfo De Groene Amsterdammer heroprichten.

Meerhuizen werd vanaf 1915 deels gebruikt door een kippenfokker en deels bewoond door kunsthandelaar Aäron Vecht die zowel in oude als moderne kunst handelde en veel kunstenaars kende. Op de begane grond huisden nog steeds kunstenaars.info Het oude landhuis werd in 1920 gesloopt voor de uitvoering van het door Hein Berlageinfo ontworpen Plan Zuid. De naam van het Meerhuizenplein, onderdeel van dit plan, verwijst naar het oude landhuis; het stond niet op deze locatie, maar wat verderop langs de Amstel. De woningen aan het Meerhuizenplein werden in opdracht van de socialistische woningbouwvereniging De Dageraad ontworpen door Grimmons voormalige collega’s Michel de Klerkinfo (met wie hij bij Ed. Cuypersinfo had gewerkt) en Piet Kramerinfo (die indertijd ook bij Cuypers werkte, en later eveneens bij de Dienst Publieke Werken). In 2003 ontwierp Liesbeth van der Polinfo nieuwbouw voor het Meerhuizenplein.

Na de scheiding van Ad Regoort verliet Toos Amsterdam en woonde ze op verschillende adressen in het Gooi, onder meer in Naarden en Bussum. In deze jaren woonden veel Amsterdammers in forensengemeenten zoals Bussum of Hilversum; ze reisden met de Gooische Stoomtram.
Ad Grimmon, die in 1914 was teruggekeerd uit Argentinië, ging ook in Bussum wonen, aan de Amersfoortsestraatweg 6.info Hij werd opzichter/tekenaar bij de gemeente Amsterdam, volgde een cursus Hoger Bouwkundig Onderwijsinfo en promoveerde tot hoofd afwerking gebouwen. Mogelijk leerde hij Toos in Bussum kennen. Ze verloofden zich op 23 april 1916, trouwden op 16 september en gingen op het adres van Grimmon wonen.info Het huis bestaat niet meer; de even zijde van de Amersfoortsestraatweg is gesloopt voor de aanleg van de Rijksweg A1 die van Amsterdam naar Duitsland loopt.

In de Bussumse jaren was Toos redacteur van de rubriek De Vrouw bij het Algemeen Handelsblad en schreef ze voor De Gooi- en Eemlander. Bij de bijeenkomst van de Bussumse afdeling van de Vereeniging van Huisvrouwen, die op 5 oktober 1918 plaatsvond in Hotel Vlietlaan, Vlietlaan 18, werd zij gekozen tot de nieuwe presidente van het Bussumse Vrouwencomité voor de Distributie. Dat was nadat de voedseldistributie was besproken. Het gezamenlijk inslaan van sla- en sperziebonen was geen succes gebleken, maar de bruine bonen die de Vereeniging op locaties tot in Valkeveen had geplant leverden een goede oogst op. Deze werd verdeeld naar de aandelen die de dames hadden genomen; een deel werd gereserveerd voor minder welgestelde vrouwen. In reactie op het pleidooi van Toos Brondgeest in het Algemeen Handelsblad om de buren beter te leren kennen, zodat men elkaar beter kon helpen, zette de Vereeniging een systeem op voor tweewekelijkse ruilhandel van voedsel en goederen waar geen geld aan te pas kwam. Ook werd besloten te protesteren tegen de lange rijen bij het verkrijgen van levensmiddelenkaarten.info
Toos zette zich vanuit haar nieuwe functie in voor betere leefomstandigheden en pleitte in het laatste oorlogsjaar voor aanleg van elektriciteit, “ook voor de niet-kapitalisten”, die door de schamele distributie van vijf kaarsen per maand al vanaf vijf uur ’s middags in het donker zaten.info Ze deed een oproep tot het inleveren van petroleum aan wie daarvan wat kon misseninfo en schreef over het onderhoud dat het Vrouwencomité met de Minister van Landbouw had over de rantsoeneringen van melk voor baby’s en voedsel voor zieken.info
Haar onderwerpen veranderden na de oorlog. Ze recenseerde het boek Jezus’ leer en verborgen leeven van Frederik van Eedeninfo in Theosofia, het blad van de Nederlandsche Theosophische Vereeniging.info In zijn dagboeken verhaalt Van Eeden over de bezoeken van een mevrouw Grimmon aan zijn woonhuis, in 1920 en 1922, in de door hem opgerichte woongemeenschap, de kolonie Walden in Bussum.info Bij een lezing in Baarn sprak Toos over opvoeding van de jeugd boven de leerplichtige leeftijd;info in het tijdschrift Autoleven schreef ze een artikel over Feestkleeding van den man.info
Ze was niet de handwerklerares met wie ze sinds de Tentoonstelling voor Kunstnijverheid en voor Volksvlijt waar haar echtgenoot Ad Grimmon in 1918 aan deelnam, in publicaties werd verward; dat was Grimmons nicht Riek.info

In 1920 verhuisden Toos en Ad Grimmon naar Amsterdam en vonden woonruimte in het bovenhuis van Prinsengracht 789. Daar werd hun zoon Floorinfo in 1921 geboren, een half jaar nadat Toos’ vader Jan Brondgeest was overleden in het Noordwijkse verpleeghuis.
Ad Grimmon gaf in deze jaren leiding aan de afwerking en inrichting van meer en minder prestigieuze publieke gebouwen van de gemeente Amsterdam en ontwierp de inrichting van grote gemeentelijk tentoonstellingen in onder meer het Stedelijk Museum. Hij ontwikkelde zijn eigen meubels in het atelier dat Chris Tedersinfo van de gemeente huurde. Deze meubelmakerij lag boven een garage op de eerste twee verdiepingen aan de Korte Leidsedwarsstraat 47 bij het Leidseplein; de tweede verdieping was samengevoegd met nr. 49.info
Grimmon maakte naam, ook met zijn Plan Grimmon voor kleurharmonisatie en het tijdschrift Verf en Kleur dat hij in dit verband opzette. Daarvan werd slechts één nummer uitgebracht. Dit nummer verscheen in april 1924, een maand nadat hij met Toos en Floor was verhuisd naar de Vondelstraat 98 huis, vlak naast de door Pierre Cuypersinfo ontworpen neogotische Vondelkerk. Hier werd hun tweede zoon Vincent geboren, die stierf toen hij negen maanden oud was.info In ditzelfde jaar overleed ook Toos’ moeder Emma Achternbusch. In november 1925 werd de derde zoon, Rodo, geboren; hij kreeg als tweede naam die van zijn overleden broertje Vincent.info

Het is denkbaar dat het overlijden van Vincent een zware wissel op Ad Grimmon en Toos Brondgeest heeft getrokken. Nog voordat Rodo één jaar oud was kwam er een einde aan hun relatie; de formele ontbinding van het huwelijk zou pas twaalf jaar later door de rechter worden uitgesproken.
In 1926 verlieten zij het huis aan de Vondelstraat, waar Grimmon wel zijn bureau aanhield. Hij vond tijdelijk woonruimte in Villa El Rancho aan de Van der Helstlaan 22 in Bilthoven en kon na een jaar weer in Amsterdam terecht, op het adres van het atelier van meubelmaker Chris Tedersinfo aan de Korte Leidsedwarsstraat 47.
Toos ging met de kinderen naar Den Haag. Daarna heeft ze, volgens het Amsterdamse Bevolkingsregister, in Naarden gewoond, waarvandaan ze op 19 februari 1929 met Rodo verhuisde naar de Volkerakstraat 7 in Amsterdam. Ze bleef daar slechts enkele weken voordat ze met Rodo naar Weltevreden, een voorstad van Batavia (Jakarta) in Nederlands Indië (Indonesië), vertrok. Vermoedelijk reisde ze mee met Ad Grimmon’s jongere broer Bert die voor de Nederlandsche Rubber Maatschappij werkte.info
Waar Toos na haar terugkomst in Nederland woonde is niet duidelijk. Op 22 juli 1930 zou ze zich ‘als geneesheer’ hebben gevestigd aan de Kortegracht 20 in Amersfoort.info Vervolgens ging ze, in 1931, met Floor en Rodo tijdelijk aan de Dalweg 23 in Hilversum wonen.info Op dit adres was toentertijd Pension Woek gevestigd, een christelijk tehuis voor schoolgaande kinderen. Mogelijk woonde Floor hier tijdens Toos’ reis naar Nederlands Indië, of al daarvoor. Hij bracht begin jaren ’30 geregeld door met zijn vader Ad Grimmon,info die hem in de zomers meenam naar de camping in Groet waar John Rädecker met zijn familie verbleef; in 1934 werd hij toegelaten tot de HBS in Hilversum.
Nog een jaar later trok Toos met haar beide zoons in bij schoon- en grootouders Dorothea en Bert Grimmon sr. aan de Ruitersweg 8.info Ze verhuisden in 1935, nadat Bert Grimmon sr. was overleden, naar Loosdrecht en in 1938 naar de Rue Grétry 142 in Luik, België. Tijdens dit buitenlandse verblijf sprak de Amsterdamse rechtbank de scheiding van Toos Brondgeest en Ad Grimmon uit.info Aannemelijk is dat Grimmon de scheiding had aangevraagd. In het volgende jaar trouwde hij met Joop van Dijk,info de vriendin met wie hij sinds 1930 samenwoonde en recent het huis aan het Molenpad had verbouwd. Mogelijk had hij Joop in Bilthoven leren kennen; daar was ze dienstbode in de tijd. Misschien werkte ze in El Rancho.

Toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak waren Toos, Floor en Rodo volgens Grimmon nog in België en in 1942 zouden ze in Stuttgart, Duitsland zijn, waar hij hen tevergeefs trachtte op te sporen.
Er is wat onduidelijkheid in het Amsterdamse bevolkingsregister. De kaart van Toos uit 1929 met woonadres Volkerakstraat 7 (en gekomen van Naarden, vertrokken naar Weltevreden NOI), is op een kaart uit 1982 (of later) genoteerd als Volkerakstraat 29 in 1939. Wellicht is het jaartal 29 op deze kaart per abuis als huisnummer aan de Volkerakstraat gelezen.

Toos en Rodo emigreerden naar Burnaby, ten oosten van Vancouver, in Canada.info Floor, vliegenier in Azië tijdens de oorlog, kwam terug in Nederland waar hij direct na de oorlog trouwde. Kort daarna zou hij door een vliegtuigongeluk om het leven komen; zijn vrouw en dochter emigreerden naar New York.
Toos was op 16 augustus 1982 terug in Amsterdam; ze verbleef een tijdje op het adres van de Valeriuskliniek in Amsterdam en overleed een jaar later in Castricum, 95 jaar oud. Misschien heeft ze, evenals Rodo, in Amerika gewoond. Rodo kwam in Californië terecht; hij trouwde, kreeg twee kinderen en bleef er tot zijn dood in 2006 wonen. In 1972 werd hij genaturaliseerd tot Amerikaans staatsburger.

© Archief Grimmon

Print Friendly, PDF & Email