Veilingen bij Christie’s

Joop Grimmon – Van Dijkinfo overleed op 1 december 1993 aan een hartaanval in het huis aan het Molenpad 17-I in Amsterdam waar zij sinds 1939 met Ad Grimmon woonde; Ad was er in 1953 gestorven. Zij hadden geen kinderen.info
De gemeente Amsterdam, van wie Joop haar woonruimte huurde, nam contact op met Rodo Grimmon,info de jongste en enige nog levende zoon uit het eerste huwelijk van Ad Grimmon, met Toos Brondgeest.

Rodo had zijn vader nauwelijks meegemaakt. Hij werd in 1925 geboren en nog voordat hij 1 jaar oud was gingen zijn ouders uit elkaar; ze woonden daarna steeds in verschillende plaatsen. Toen Rodo 12 was, in 1938, verbleef hij met zijn moeder Toos Brondgeest en zijn broer Floor in Luik, België. Vlak voor het uitbreken van de oorlog in Nederland reisden zij via Amsterdam en Nederlands-Indië naar Canada. Daar is Rodo met zijn moeder gebleven.info Hij trouwde, kreeg twee kinderen en vestigde zich in de VS, Californië, bij de Mexicaanse grens. Op 14 november 1975 werd ‘Rod’ genaturaliseerd tot Amerikaans staatsburger.info Waarschijnlijk is hij nooit meer in Nederland geweest. Hij overleed in 2006 in San Diego, Californië, 93 jaar oud.

Toen de gemeente Amsterdam Rodo in 1993 berichtte over het overlijden van Joop van Dijk, was hij 68 jaar. Rodo belde naar Rob van Dijk, een neef van Joop, die hij verzocht curator te willen zijn, de nalatenschap in Nederland af te wikkelen en de boedel te gelde te maken. Hij wilde er niets van hebben.
Van Dijk kreeg de sleutel van het Molenpad 17-I van de gemeente Amsterdam; zijn vrouw en een zus gingen mee. Ze troffen een enorme bende aan in het atelier. “Het rare was, de schilderijen waren allemaal van de muur gehaald. Die bleken achter de deur in de denkkamer te staan. Er was ook een originele Rietveld-stoel bij, die was zwart geschilderd. De sociale dienst, of de gemeentelijke dienst die de boedel kwam halen, had zeker twee containers nodig voor alle spullen.” Mogelijk is er in die containers wat achtergebleven; een van de foto’s van een kastje dat zich in de collectie van het Amsterdam Museum bevindt, kende Van Dijk uit het huis van zijn tante – het staat ook op de foto Molenpad 1938, onder Ad’s bureau – maar dat is niet via hem bij het museum terecht gekomen.info

Van Dijk nam de kunstwerken van Ad’s goede vriend en beeldhouwer John Rädecker mee naar Mijdrecht, leverde ze af bij de RABO Bank aldaar, waar ze in de kluis werden bewaard, en belde veilinghuis Christie’s. Twee dagen later werden Rädeckers kunstwerken door twee medewerkers van Christies opgehaald en vervolgens geveild.info Over het meubilair dat Grimmon voor Pastoe maakte correspondeerde Van Dijk met Christie’s, dat de catalogus van de Pastoe tentoonstelling 1988 aan hem stuurde.info De meubels werden in 1994 geveild.info

Van Dijk heeft de historische waarde van een aantal op het Molenpad aangetroffen documenten niet onderkend. Maar gelukkig bracht hij ze met zijn Toyota wel naar het antiquariaat van Max en Wilma Schumacher, ook al was de keuze voor dit antiquariaat volstrekt toevallig. Er kon toen nog aan de Geldersekade worden geparkeerd en er was een parkeerplaats voor de deur van het antiquariaat vrij. Het Antiquariaat Schuhmacher is gericht op (vooroorlogse) Nederlandse literatuur en niet op architectuur, maar Max Schuhmacher nam de koffer met documenten aan omdat hij wist wie Grimmon was geweest. Later bleek dat Wilma Schuhmacherinfo Ad Grimmon kende uit haar jeugd. De koffer stond twintig jaar op de zolder van het antiquariaat; de inhoud is niet compleet gebleven, er zijn documenten en foto’s uit verkocht en een medewerker van het Nederlands Architectuurinstituut heeft de inhoud eens bekeken.

Het portretschilderij van Lafedons / Basedow had Rob van Dijk nooit eerder gezien. Het behoorde zeker niet tot de nalatenschap van Joop Grimmon-Van Dijk. Hij wist niet wie het op de veiling heeft gebracht.info In 2012 heeft hij er bij Christies nog naar gevraagd, maar daarbij liepen de gegevens van het portret en het lotnummer door elkaar. Christie’s heeft lotnummer 37 bevestigd als door hem ingebracht en geveild voor fl. 13.000 – maar het portret had lotnummer 41 en bracht veel minder op.info
Bij de veiling waren twee Amsterdamse kunsthistorici aanwezig: Frans van Burkom en Bert Vreeken; ze kwamen voor het werk van John Rädecker. Vreeken,info werkzaam bij het Amsterdam Museum, kocht het schilderij aan voor het luttele bedrag van fl. 920, ongeveer € 400. Sindsdien bevindt het zich in het depot van het Amsterdam Museum.

Kunstmakelaardij Metzemaekers uit Oirschot liet in 2015 weten, niet te kunnen nagaan wie het portret op de veiling heeft gebracht ‘aangezien wij onze administratie tien jaar bijhouden.’info Christie’s zei wel informatie over de verkoper te hebben gevonden – niet wetend of deze informatie nog zou kloppen – maar geen namen van klanten aan derden door te geven.info We spraken af dat ik een brief aan de verkoper zou schrijven; Christie’s zou deze brief doorsturen. Aldus is gebeurd; vooralsnog zonder resultaat.info 
Vanuit Potsdam is de vraag gesteld of het portret van Piet Grimmon – en wellicht dat van Anna Grimmon-Lauff – gestolen kan zijn geweest en als gevolg daarvan teruggegeven zou moeten worden aan de rechtmatige eigenaar of eigenaren. Ook hierover is (nog) geen duidelijkheid.

© Archief Grimmon

Print Friendly, PDF & Email