Vorming

Hoewel van katholieke komaf, gingen Ad en Piet Grimmon naar de Openbare Lagere School III.info
In de tweede helft van de 19e eeuw kwam het beroepsonderwijs in Nederland op gang, nadat bij de Great Exhibition of the Industry of All Nations van 1851 in Londen was gebleken dat Nederland in internationaal opzicht hopeloos achterliep.
Het beroepsonderwijs had tot doel de omstandigheden voor de werkende klasse te verbeteren. Het schoolregime was rigide: drie jaar leertijd, 54 uur les per week, geen schoolvakanties, ‘s morgens theorie (Nederlands, rekenen, technisch tekenen, wis-, natuur- en werktuigkunde) en ‘s middags praktijk (smeden en timmeren). Theorie en praktijk werden zoveel mogelijk gekoppeld.info De broers Grimmon volgden een driejarige beroepsopleiding aan de Tweede Ambachtsschool, Westerstraat 187. Vanaf 2008 is in dit gebouw, het Westerhuis, Studio Marcel Wanders / Moooi gevestigd. 

Ad en Piet Grimmon werkten aanvankelijk allebei als tekenaar; Piet moest in 1902 eerst nog in militaire dienst, terwijl Ad bij de loting werd vrijgesteld.info Hij volgde lessen in houtbewerking, elektrotechniek, machineconstructie en handtekenen aan de Avond Ambachtsschool aan de Weteringschans 165, waarna hij korte tijd als tekenaar bij metaalfabriek Koper werkte. In 1903 ging hij als bouwkundig tekenaar in de leer bij Mathieu Lauweriks.info

Lauweriks werkte toen voor Woningrichtingsatelier N.V. ‘t Binnenhuis dat in 1900 op initiatief van onder meer Hein Berlageinfo was geopend aan het Rokin 120.info Beoogd werd om goede, betaalbare meubels te maken en om een verkooplokaal te worden voor Amsterdamse (meubel)kunstenaars, die ook op bestelling werkten. Beide doelstellingen mislukten. De meubels waren duur en de firma wist nauwelijks andere ontwerpers te betrekken dan de oprichters. ‘t Binnenhuis verhuisde in 1907 naar een groot nieuw pand aan de Raadhuisstraat 48-50 en bleef daar gevestigd tot 1922; daarna was deze locatie niet meer betaalbaar. De firma werd, mede in de context van de economische crisis, in 1929 geliquideerd.

Lauweriks was in 1895 een architectenbureau begonnen met Karel de Bazel;info ze hadden elkaar leren kennen bij het architectenbureau van Pierre Cuypers.info Hun lidmaatschap van de ethisch-anarchistische Vereniging Wie denkt overwint zou hebben geleid tot hun vertrek bij het bureau van de streng katholieke Cuypers, die de neogotiek in Nederland introduceerde. In 1896 richtten ze de theosofische Vâhana Logeinfo op, van waaruit ze samen met schilderes Cato Gruntkeinfo gedurende drie jaar cursussen gaven in tekenen, kunstgeschiedenis en esthetica.
Mariël Polman en Klaas van Harten gaven in 2012 een inleiding voor de Loge Amsterdam van de Theosofische Vereniging in Nederland onder de noemer Maat en Kleur. In een toelichting hierop zetten zij uiteen dat de Vâhana Loge de relatie tussen theosofie en kunst bestudeerde. Lauweriks en De Bazel baseerden zich op de kennis over middeleeuwse kathedraalbouw die ze hadden opgedaan bij Pierre Cuypers voor hun cursus over de proportieleer en het ontwerpen op systeem. Over de inhoud van hun cursussen is verder weinig bekend. “Omdat vergelijkende godsdienststudie een van de doelstellingen van de Theosofische Vereniging is, ontwikkelden zij een bredere visie en stelden vast hoe maat en kleur ook in niet westerse culturen tot expressie komt. Zo ontdekten ze de daar achterliggende universele wetmatigheden en pasten die dan ook daadwerkelijk  toe.”info Als voorbeeld noemden zij hierbij het gebouw van de Nederlandsche Handel Maatschappijinfo aan de Vijzelstraat, met verwijzing naar het tegelwerk en het vloertegelpatroon dat De Bazel zelf ontwierp.
Sinds 2007 is het Stadsarchief Amsterdam gevestigd in Gebouw De Bazel na een vier jaar durende verbouwing van dit Rijksmonumentinfo door Claus en Kaan Architecten.

Het Nederlands Architectuurinstituut omschreef Lauweriks als “een vooraanstaand theoreticus met grote invloed op stromingen die aan het begin van de 20e eeuw opkomen, zoals de Amsterdamse School, De Stijl en Bauhaus” en “een belangrijke verspreider van de proportieleer of het systeemdenken. Hij maakte de kunstnijverheid salonfähig binnen de architectuur.”
Grimmon zal de Vâhanacursus niet hebben gevolgd, maar is ongetwijfeld beïnvloed door de denkbeelden van zijn leermeester. Zijn kennismaking met kunstnijverheid, kleurenleer en internationale denkbeelden moet in deze periode hebben plaatsgevonden. ‘s Avonds volgde hij talencursussen Frans, Duits en Engels.

In 1905 stapte Grimmon over naar het bureau van Ed. Cuypers,info neef van Pierre Cuypers. Lauweriks ging naar Düsseldorf, waar hij tot 1909 architectuurdocent was aan de Kunstgewerbeschule. Enkele jaren later werd hij directeur van de Kunstnijverheid- en teekenschool Quellinus, die in 1879 was opgericht en in 1883 opende aan de Frans Halsstraat 14-16 in Amsterdam. Het was een ambachtelijke kunstnijverheidsschool met als doel een vak te leren als meubelmaker, lithograaf of bouwkundige. Lauweriks verving de afdeling Bouwkundig Tekenen door de afdeling Binnenarchitectuur en Meubelkunst.
Een van de leerlingen van deze eerste vakopleiding was Ida Falkenberg-Liefrinck.info Naar eigen zeggen leerde ze er plastisch denken van keramist Bert Nienhuisinfo maar over Lauweriks’ manier van lesgeven was ze minder enthousiast: “Hij gaf zelden gerichte opdrachten omdat hij vond dat alles uit de leerling zelf moest komen.”info 

© Archief Grimmon

Print Friendly, PDF & Email