In januari vond ik twee bijzonder kleurige, symmetrisch opgebouwde glas-in-loodramen van Ad Grimmon terug in een dorp in de Betuwe. Deze opmerkelijke ramen bevatten het blokjesmotief dat Grimmon vaker gebruikte in zijn werk, het is ook te zien op de vlag van de Bickersschool die hij in 1916 had getekend. Het glas in lood is opgebouwd uit symmetrisch gespiegelde vierhoeken waarvan Grimmons handelsmerk van blokjes integraal deel uitmaakt en ook in een langwerpige variant is toegevoegd. Het harmonieuze kleurenpalet deed mij denken aan dat van de ramen in het trappenhuis van de Krusemanschool, die hij recent had gemaakt. Tot dan toe had ik alleen ontwerpen van Grimmon in primaire kleuren gezien.
Bij de familie die de ramen in bezit had was bekend dat ze afkomstig waren van ‘de schoonzoon van de havenmeester’. Vanuit het Archief Grimmon volgde ik de weg terug. Al in 1917 had de Gemeentelijke Havendienst besloten tot uitbreiding van het havenkantoor, dat vanaf 1835 was gevestigd in de Schreierstoren. Concrete plannen daartoe – indertijd ook al voor een havengebouw aan het IJ – werden niet alleen afgewezen als gevolg van geldgebrek, maar ook na discussie tussen historici en architecten. De historici wonnen en dus bleef het bij een interne verbouwing van de dienstwoning, waar de nieuwe havenmeester Willem van de Poll introk. De verbouwing werd in 1921 opgeleverd met de glas-in-loodramen van Ad Grimmon, die nog altijd als ‘architect-intérieur’ werd ingehuurd door Publieke Werken.
Waar de ramen indertijd precies waren geplaatst is nog niet teruggevonden. Ze kwamen terecht bij Cor Koster – inderdaad schoonzoon van havenmeester Van de Poll – die ook zelf bij de Gemeentelijke Havendienst werkte. Dat was nadat in de jaren ’50 alsnog een nieuw havengebouw langs het IJ werd gebouwd, naar ontwerp van Willem Dudok. Na verhuizing van het havenkantoor naar ‘het nieuwe torengebouw’ bleef de Schreierstoren leegstaan tot een ingrijpende restauratie in 1966, waarbij alle inbouwen werden verwijderd. Koster gaf de ramen en wat overtollig meubilair uit de toren aan een collega van de Gemeentelijke Havendienst, die er één in het bovenlicht van de voordeur van zijn huis in Amstelveen plaatste en het andere in de serre. Correspondentie van diens familie, die de ramen na zijn overlijden had meegenomen en naar meer informatie had gezocht, kwam uiteindelijk terecht bij het Archief Grimmon, waaraan de ramen recent werden overgedragen.

@ Archief Grimmon, 14 februari 2026